Adviezen
2018
Betalingen en betaalrekeningen – Verrichtingen op afstand – Betalingen via PC – Betwiste verrichtingenDe klacht betreft de niet-succesvolle betwisting van frauduleuze geldafhalingen voor een bedrag van 9.004,62 euro van de zichtrekening van de klager. De frauduleuze verrichtingen vonden plaats tussen 14 en 22 februari 2018. Toen klager op 14 februari 2018 een rekening wou betalen door overschrijving via zijn computer, kreeg hij bericht dat dit niet lukte aangezien zijn debetkaart geblokkeerd was.Lees meer
Beleggingen, pensioensfondsen en effecten – Advies - Niet-klassieke obligatiesHet inschrijvingsorder op een obligatie in EUR voor een benaderende waarde van 101.000,00 EUR werd aan klager in het bankkantoor ter ondertekening aangeboden op 3 december 2016. Klager ontkent dat hij –zoals nochtans vermeld op het inschrijvingsorder- met kennis van zaken en op eigen verantwoordelijkheid heeft ingetekend op dit product. Er was geen werkelijke wilsovereenstemming. Ook klopt het niet dat de bank hem zou geadviseerd hebben niet in te tekenen op dit product.Lees meer
Paiements et comptes de paiements – Cartes – Opérations contestées.La demanderesse indique être partie le 15 mai 2018 avec son conjoint pour un voyage d'agrément en Italie. Au lendemain de leur arrivée en Italie, c'est-à-dire le 16 mai 2018, le conjoint de la demanderesse s'aperçoit qu'il s'est fait voler son portefeuille, lequel contenait notamment une carte bancaire appartenant à la demanderesse. Il s'agissait d'une carte de débit associée au compte bancaire de la demanderesse auprès de la Banque intervenant dans la présente affaire en qualité de défenderesse (ci-après "la Banque"). Dès que le vol du portefeuille fût constaté, la demanderesse fit opposition sur la carte de débit en question. Il s'avère toutefois qu'une série d'opérations bancaires frauduleuses avait déjà pu être réalisée plus tôt dans la journée au moyen de la carte de la demanderesse. Une opération de retrait suivie de quatre opérations d'achat furent en effet exécutées le 16 mai 2018 entre 10H27 et 10H59 pour un montant total de 3.412 euros.Lees meer
2017
Betalingen en betaalrekeningen – Zichtrekening – BeëindigingLees meerDe verzoeker werkt tijdelijk in Amerika. Van zodra dat hij zijn adreswijziging heeft meegedeeld aan de bank, heeft deze laatste de toegang tot pc-banking geblokkeerd en kon hij zijn rekeningen niet langer opvolgen vanuit Amerika. Hij heeft verschillende producten bij de bank: woonkrediet, brandverzekeringen, pensioenspaarverzekering en spaarverzekeringen, effectenrekening, zicht- en spaarrekening en bankkaarten. Wanneer de bank pc-banking blokkeert, kan hij geen van deze producten nog opvolgen.
Betalingen en betaalrekeningen – Verrichtingen op afstand – Overschrijvingen via PC – Betwiste verrichtingenLees meerEind 2016 werden door de agent/beursmakelaar, overschrijvingen van op de rekening van cliënt geïnitieerd naar buitenlandse rekeningen ten bedrage van 331.090,00 EUR.
Cliënt nam, na vaststelling, meteen telefonisch contact op met de agent/beursmakelaar. Hierdoor kon nog 248.940,00 EUR (de bedragen van 21.06 en 30.06) worden geblokkeerd en teruggestort op de rekening van cliënt.
Op de overblijvende 82.150,00 EUR blijft cliënt nog steeds wachten.
De cliënt stelt dat het hier gaat om een betwisting van niet-toegestane betalingstransacties, waarbij de beursvennootschap verplicht is tot terugbetaling over te gaan. De cliënt heeft zeker nooit toestemming gegeven betreffende de transacties. De beursvennootschap heeft initieel zelf ook nooit getwijfeld aan de frauduleuze praktijken.
Crédits hypothécaires – Exécution du contrant – DécompteLees meerLe 21 mai 1984, la banque a consenti un prêt hypothécaire au client pour une valeur de 84.283,80 euros.
La société de recouvrement mandatée par la banque a adressé une mise en demeure le 19 décembre 2016 pour un total de plus de 300.000 euros demandant de régler ce montant dans les 15 jours.
Le client s’est étonné qu’il ne soit fait aucune application des délais de prescription.
Crédits à la consommation – Exécution du contrat – DécompteLees meerLe 16 février 1999, la plaignante a contracté avec son mari une ouverture de crédit pour un montant maximal de 20.000BEF. Cette ouverture de crédit a été augmentée à 40.000 BEF le 7 octobre 1999 et à 80.000 BEF le 31 janvier 2000. Le dernier paiement effectué dans ce dossier remonte au 20 novembre 2002.
Un versement de 100 euros a été effectué vraisemblablement au guichet sur le compte de la banque. Ce versement a été effectué le 16 juin 2011 avec les références personnelles de ce dossier.
Selon la banque, ce paiement a interrompu la prescription.
La plaignante conteste avoir effectué ce paiement interruptif de prescription.
Paiements et comptes de paiements – Opérations à distance – Paiements par PC – Opérations contestéesLees meerLe 9 mars 2017, vers 12h30, la plaignante reçoit un appel téléphonique d’un numéro qu’elle ne connait pas. Une dame, qui dit s’appeler Brigitte Antoine, lui annonce qu’à l’issue d’un procès, plusieurs harceleurs téléphoniques avaient été condamnés à indemniser leurs victimes. Le numéro de la plaignante avait été retenu, elle doit recevoir la somme de €2680.
Crédits hypothécaires – Exécution du contrat – Enregistrement BNBLees meerLe demandeur s’est rendu en décembre 2015 pour procéder à l’actualisation de son identification auprès de trois institutions financières où il est titulaire de comptes. Deux d’entre elles ont simplement effectué une lecture de votre carte d‘identité et la troisième lui a demandé de signer un document d‘identification dans lequel il consent au traitement de ses données personnelles et au Règlement Général des Opérations.
Le demandeur estime que ce consentement dépasse l’obligation d’identification de ses données personnelles et qu’en lui faisant signer ce document, la banque s’attribue des droits exclus ou fortement réglementés par la loi.
Le demandeur souhaite savoir s’il est obligé d’accepter de signer ce document dans le cadre de l’obligation d’identification et si cette clause octroie des droits exclus ou fortement réglementés par la loi.
Beleggingen, pensioenfondsen en effecten – Fiscale aspecten – AandelenLees meerEinde juli 2015 stelde de verzoeker vast dat een bedrag van 788,28 EUR van zijn rekening was gegaan op 27 juli 2015. De reden hiervoor bleek te zijn dat hij een belasting diende te betalen op een stock merger transactie die NV “X” had uitgevoerd op 2 maart 2015.
De verzoeker was verrast omdat hij niet de gepaste informatie had ontvangen om ervoor te zorgen dat hij de correcte administratieve afhandeling (ter voorkoming van de belasting) kon realiseren.
Op 21 april 2015 werd een aankondiging verstuurd vanuit een mailadres van de bank met de boodschap dat dit bericht louter informatief was en dat de verzoeker voorlopig niets moest ondernemen. Blijkbaar werd een tweede mail verzonden vanuit een ander e-mailadres van de bank met de volledige instructies, het in te vullen document en de uiterste datum waarop dit document moest worden terugbezorgd. Dit e-mailbericht kwam echter in zijn spamfolder terecht waardoor hij dit bericht niet heeft gelezen.
De verzoeker begrijpt niet waarom twee verschillende e-mailadressen werden gebruikt voor mededelingen betreffende dezelfde corporate action.
Het staat vast dat hij de belasting in principe niet had moeten betalen. Door de werkwijze van de bank (e-mailberichten vanuit verschillende e-mailadressen zonder herinneringen nadien per e-mail of sms) heeft hij daartoe echter niet tijdig de nodige administratieve handelingen kunnen verrichten.
Hij hoopte het bedrag via de bank te recupereren. Toen bleek dat dit sowieso niet mogelijk zou zijn, heeft de bank hem geïnformeerd over de mogelijke terugvorderingsprocedure die hij zelf kon inleiden. De verzoeker meent dat het cruciaal is dat de bank hem in dit kader een bewijs of attest verschaft waarin de bank bevestigt dat het bedrag in USD, dat bij hem werd geheven, werd doorgestort naar de IRS. De bank kan dit blijkbaar niet en verwijst telkens naar het rekeninguittreksel van de verzoeker (waarin het bedrag in EUR is vermeld) als enig geldende, sluitende bewijs.
Telefonisch meldde de verzoeker dat zijn teleurstelling groot was en dat hij alsnog hoopte dat de bank, via de tussenkomst van de Ombudsman, toch een attest zou opstellen en de relatie op een constructieve manier verder zou willen uitbouwen, bijvoorbeeld door een aantal gratis transacties aan te bieden.